Russian 1876

Dutch Staten Vertaling

Deuteronomy

6

1Вот заповеди, постановления и законы, которым повелел Господь, Бог ваш, научить вас, чтобы вы поступали так в той земле, в которую вы идете, чтоб овладеть ею;
1Dit zijn dan de geboden, de inzettingen en de rechten, die de HEERE, uw God, geboden heeft om u te leren; opdat gij ze doet in het land, naar hetwelk gij heentrekt, om dat erfelijk te bezitten;
2дабы ты боялся Господа, Бога твоего, и все постановления Его и заповеди Его, которые заповедую тебе, соблюдал ты и сыны твои и сыны сынов твоих во все дни жизни твоей,дабы продлились дни твои.
2Opdat gij den HEERE, uw God, vrezet, om te houden al Zijn inzettingen, en Zijn geboden, die ik u gebiede; gij, en uw kind, en kindskind, al de dagen uws levens; en opdat uw dagen verlengd worden.
3Итак слушай, Израиль, и старайся исполнить это, чтобы тебе хорошо было, и чтобы вы весьма размножились, как Господь, Боготцов твоих, говорил тебе, что Он даст тебе землю, где течет молоко и мед.
3Hoor dan, Israel! en neem waar, dat gij ze doet, opdat het u welga, en opdat gij zeer vermenigvuldigdet (gelijk als u de HEERE, uwer vaderen God, gesproken heeft) in het land, dat van melk en honig is vloeiende.
4Слушай, Израиль: Господь, Бог наш, Господь един есть;
4Hoor, Israel! de HEERE, onze God, is een enig HEERE!
5и люби Господа, Бога твоего, всем сердцем твоим, и всею душею твоею и всеми силамитвоими.
5Zo zult gij den HEERE, uw God, liefhebben, met uw ganse hart, en met uw ganse ziel, en met al uw vermogen.
6И да будут слова сии, которые Я заповедую тебе сегодня, в сердце твоем.
6En deze woorden, die ik u heden gebiede, zullen in uw hart zijn.
7и внушай их детям твоим и говори о них, сидя в доме твоем и идя дорогою, и ложась и вставая;
7En gij zult ze uw kinderen inscherpen, en daarvan spreken, als gij in uw huis zit, en als gij op den weg gaat, en als gij nederligt, en als gij opstaat.
8и навяжи их в знак на руку твою, и да будут они повязкою над глазами твоими,
8Ook zult gij ze tot een teken binden op uw hand, en zij zullen u tot voorhoofdspanselen zijn tussen uw ogen.
9и напиши их на косяках дома твоего и на воротах твоих.
9En gij zult ze op de posten van uw huis, en aan uw poorten schrijven.
10Когда же введет тебя Господь, Бог твой, в ту землю, которую Он клялся отцам твоим, Аврааму, Исааку и Иакову, дать тебе с большими и хорошими городами, которых ты нестроил,
10Als het dan zal geschied zijn, dat de HEERE, uw God, u zal hebben ingebracht in dat land, dat Hij uw vaderen, Abraham, Izak en Jakob, gezworen heeft, u te zullen geven; grote en goede steden, die gij niet gebouwd hebt,
11и с домами, наполненными всяким добром, которых ты не наполнял, и с колодезями, высеченными из камня , которых ты не высекал, с виноградниками и маслинами, которых ты не садил, и будешь есть и насыщаться,
11En huizen, vol van alle goeds, die gij niet gevuld hebt, en uitgehouwen bornputten, die gij niet uitgehouwen hebt, wijngaarden en olijfgaarden, die gij niet geplant hebt, en gij gegeten hebt en verzadigd zijt;
12тогда берегись, чтобы не забыл ты Господа, Который вывел тебя из земли Египетской, из дома рабства.
12Zo wacht u, dat gij den HEERE niet vergeet, Die u uit Egypteland, uit het diensthuis heeft uitgevoerd.
13Господа, Бога твоего, бойся, и Ему одному служи, и Его именем клянись.
13Gij zult den HEERE, uw God, vrezen, en Hem dienen; en gij zult bij Zijn Naam zweren.
14Не последуйте иным богам, богам тех народов, которые будут вокругвас;
14Gij zult andere goden niet navolgen, van de goden der volken, die rondom u zijn.
15ибо Господь, Бог твой, Который среди тебя, есть Бог ревнитель; чтобы не воспламенилсягнев Господа, Бога твоего, на тебя, и не истребил Он тебя с лица земли.
15Want de HEERE, uw God is een ijverig God in het midden van u; dat de toorn des HEEREN, uws Gods, tegen u niet ontsteke, en Hij u van den aardbodem verdelge.
16Не искушайте Господа, Бога вашего, как вы искушали Его в Массе.
16Gij zult den HEERE, uw God, niet verzoeken, gelijk als gij Hem verzocht hebt te Massa.
17Твердо храните заповеди Господа, Бога вашего, и уставы Его ипостановления, которые Он заповедал тебе;
17Gij zult de geboden des HEEREN, uws Gods, vlijtig houden, mitsgaders Zijn getuigenissen, en Zijn inzettingen, die Hij u geboden heeft.
18и делай справедливое и доброе пред очами Господа, дабы хорошо тебе было, и дабы ты вошел и овладел доброю землею, которуюГосподь с клятвою обещал отцам твоим,
18En gij zult doen, wat recht en goed is in de ogen des HEEREN; opdat het u welga, en dat gij inkomt, en erft het goede land, dat de HEERE uw vaderen gezworen heeft;
19и чтобы Он прогнал всех врагов твоих от лица твоего, как говорил Господь.
19Om al uw vijanden voor uw aangezicht te verdrijven, gelijk als de HEERE gesproken heeft.
20Если спросит у тебя сын твой в последующее время, говоря: „что значат сии уставы, постановления и законы, которые заповедал вам Господь, Бог ваш?"
20Wanneer uw zoon u morgen zal vragen, zeggende: Wat zijn dat voor getuigenissen, en inzettingen, en rechten, die de HEERE, onze God, ulieden geboden heeft?
21то скажи сыну твоему: „рабами были мы у фараона в Египте, но Господь вывел нас из Египта рукою крепкою;
21Zo zult gij tot uw zoon zeggen: Wij waren dienstknechten van Farao in Egypte; maar de HEERE heeft ons door een sterke hand uit Egypte uitgevoerd.
22и явил Господь знамения и чудеса великие и казни над Египтом, надфараоном и над всем домом его пред глазами нашими;
22En de HEERE gaf tekenen, en grote en kwade wonderen, in Egypte, aan Farao en aan zijn ganse huis, voor onze ogen;
23а нас вывел оттуда чтобы ввести нас и дать нам землю, которую клялся отцам нашим дать нам ;
23En hij voerde ons van daar uit, opdat Hij ons inbracht, om ons het land te geven, dat Hij onzen vaderen gezworen had.
24и заповедал нам Господь исполнять все постановления сии, чтобы мы боялись Господа, Бога нашего, дабы хорошо было нам во все дни, дабы сохранить нашу жизнь, как и теперь;
24En de HEERE gebood ons te doen al deze inzettingen, om te vrezen den HEERE, onzen God, ons voor altoos ten goede, om ons in het leven te behouden, gelijk het te dezen dage is.
25и в сем будет наша праведность, если мы будем стараться исполнять все сии заповеди пред лицем Господа, Бога нашего, как Он заповедал нам".
25En het zal ons gerechtigheid zijn, als wij zullen waarnemen te doen al deze geboden, voor het aangezicht des HEEREN, onzes Gods, gelijk Hij ons geboden heeft.