Dutch Staten Vertaling

聖經新譯本

Exodus

35

1Toen deed Mozes de ganse vergadering der kinderen Israels verzamelen, en zeide tot hen: Dit zijn de woorden, die de HEERE geboden heeft, dat men ze doe.
1安息日之條例(出31:12~17)摩西召集了以色列全體會眾,對他們說:“這就是耶和華吩咐的話,要你們遵行。
2Zes dagen zal men het werk doen; maar op den zevenden dag zal ulieden heiligheid zijn, een sabbat der rust den HEERE; al wie daarop werk doet, zal gedood worden.
2六日要工作,但第七日是你們的聖日,要歸耶和華為休息的安息日。凡是在這日工作的,必須把他處死。
3Gij zult geen vuur aansteken in enige uwer woningen op den sabbatdag.
3在安息日,不可在你們任何的住處生火。”
4Verder sprak Mozes tot de ganse vergadering der kinderen Israels, zeggende: Dit is het woord, dat de HEERE geboden heeft, zeggende:
4建造會幕的技工(出25:1~9,31:1~11,39:32~43)摩西告訴以色列全體會眾說:“耶和華吩咐的是這樣,他說:
5Neemt van hetgeen, dat gijlieden hebt, een hefoffer den HEERE; een ieder, wiens hart vrijwillig is, zal het brengen, ten hefoffer des HEEREN: goud, en zilver, en koper;
5‘你們要從你們中間拿禮物來給耶和華,凡是甘心樂意的,都可以把耶和華的禮物帶來,就是金、銀、銅、
6Als ook hemelsblauw, en purper, en scharlaken, en fijn linnen, en geiten haar;
6藍色紫色朱紅色線、細麻、山羊毛、
7En roodgeverfde ramsvellen, en dassenvellen, en sittimhout;
7染紅的公羊皮、海狗皮、皂莢木、
8En olie tot den luchter, en specerijen ter zalfolie, en tot roking welriekende specerijen;
8燈油,以及作膏油和芬芳的香的香料、
9En sardonixstenen, en vervullende stenen, tot den efod en tot den borstlap.
9紅瑪瑙寶石,以及可以鑲嵌在以弗得和胸牌上的寶石。
10En allen, die wijs van hart zijn onder ulieden, zullen komen, en maken alles, wat de HEERE geboden heeft:
10“‘你們中間凡是心裡有智慧的都要來,做耶和華吩咐的一切,
11De tabernakel, zijn tent en zijn deksel, zijn haakjes en zijn berderen, zijn richelen, zijn pilaren, en zijn voeten;
11就是做帳幕、帳幕的棚罩、帳幕的蓋、鉤子、木板、橫閂、柱子、帳幕的座、
12De ark en haar handbomen, het verzoendeksel en den voorhang des deksels;
12櫃、櫃槓、施恩座、遮蓋至聖所的幔子、
13De tafel en haar handbomen, en al haar gereedschap, en de toonbroden;
13桌子、桌子的槓、桌子的一切器具、陳設餅、
14En den kandelaar tot het licht, en zijn gereedschap, en zijn lampen, en de olie tot het licht;
14燈臺、燈臺的器具、燈盞、燈油、
15En het reukaltaar, en zijn handbomen, en de zalfolie, en het reukwerk van welriekende specerijen; en het deksel der deur aan de deur des tabernakels;
15香壇、香壇的槓、膏油、芬芳的香、帳幕門口的門簾、
16Het altaar des brandoffers, en den koperen rooster, dien het hebben zal, zijn handbomen, en al zijn gereedschappen; het wasvat en zijn voet.
16燔祭壇、壇的銅網、壇槓、壇的一切器具、洗濯盆、盆座、
17De behangselen des voorhofs, zijn pilaren en zijn voeten; en het deksel van de poort des voorhofs;
17院子的帷子、帷子的柱子、帷子的座、院子的門簾、
18De nagelen des tabernakels, en de pennen des voorhofs, met derzelver zelen;
18帳幕的釘子、院子的釘子,以及這兩處的繩子、
19De ambtsklederen om in het heilige te dienen, de heilige klederen van den priester Aaron, en de klederen zijner zonen, om het priesterambt te bedienen.
19在聖所供職用的彩衣、祭司亞倫的聖衣和他兒子供祭司職用的衣服。’”
20Toen ging de ganse vergadering der kinderen Israels uit van voor het aangezicht van Mozes.
20以色列全體會眾從摩西面前離去了。
21En zij kwamen, alle man, wiens hart hem bewoog, en een ieder, wiens geest hem vrijwillig maakte, die brachten des HEEREN hefoffer tot het werk van de tent der samenkomst, en tot al haar dienst, en tot de heilige klederen.
21凡是心裡受感、靈裡樂意的,都來了;他們把耶和華的禮物都帶來了,用作會幕的工程和會幕中的一切使用,又用來做聖衣。
22Zo kwamen dan de mannen met de vrouwen, alle vrijwilligen van hart; zij brachten haken, en oorsierselen, en ringen, en spanselen, alle gouden vaten; en alle man, die een gouden beweegoffer den HEERE offerde,
22凡是甘心樂意的,不論男女,都來了,把金針、耳環、戒指、手釧和各樣的金器都送來。他們各人都把金子作禮物呈獻給耶和華。
23En alle man, bij wien gevonden werd hemelsblauw, en purper, en scharlaken, en fijn linnen, en geiten haar, en roodgeverfde ramsvellen, en dassenvellen, die brachten ze.
23凡是有藍色紫色朱紅色線、細麻、山羊毛、染紅的公羊皮、海狗皮的,都送了來。
24Allen, die een hefoffer van zilver of koper offerden, die brachten het ten hefoffer des HEEREN; en allen, bij welke sittimhout gevonden werd, brachten het tot alle werk van den dienst.
24凡是奉獻銀子和銅為禮物的,都帶了來作耶和華的禮物;凡是有皂莢木可以用作工程上任何使用的,都帶了來。
25En alle vrouwen, die wijs van hart waren, sponnen met haar handen, en zij brachten het gesponnene, de hemelsblauwe zijde, en het purper, het scharlaken, en het fijn linnen.
25凡是心中有智慧的婦女都親手紡織,把所紡的藍色紫色朱紅色線都帶了來。
26En alle vrouwen, welker hart haar bewoog in wijsheid, die sponnen het geiten haar.
26凡是有心意又有智慧的婦女,都紡山羊毛。
27De oversten nu brachten sardonixstenen en vulstenen, tot den efod en tot den borstlap;
27首領把紅瑪瑙寶石,以及可以鑲嵌在以弗得和胸牌上的寶石都帶了來;
28En specerijen en olie, tot den luchter en tot de zalfolie, en tot roking welriekende specerijen.
28又帶來了香料、點燈用的油、膏油、芬芳的香。
29Alle man en vrouw, welker hart hen vrijwillig bewoog te brengen tot al het werk, hetwelk de HEERE geboden had te maken door de hand van Mozes; dat brachten de kinderen Israels tot een vrijwillig offer den HEERE.
29以色列人無論男女,凡是甘心樂意為作耶和華藉摩西吩咐的一切工程的,都把自願奉獻的禮物帶了來獻給耶和華。
30Daarna zeide Mozes tot de kinderen Israels: Ziet, de HEERE heeft met name geroepen Bezaleel, den zoon van Uri, den zoon van Hur, van den stam van Juda.
30摩西對以色列人說:“看哪,猶大支派中戶珥的孫子、烏利的兒子比撒列,耶和華已經提名召他,
31En de Geest Gods heeft hem vervuld met wijsheid, met verstand, en met wetenschap, namelijk in alle handwerk;
31又用 神的靈充滿他,使他有智慧,有聰明,有知識,有作一切巧工的技能。
32En om te bedenken vernuftigen arbeid, te werken in goud, en in zilver, en in koper,
32能巧設圖案,用金、銀、銅製造各物;
33En in kunstige steensnijding, om in te zetten, en in kunstige houtsnijding; om te werken in alle vernuftige handwerk.
33又能雕刻寶石,用來鑲嵌;又能雕刻木頭,用來製造各種巧工。
34Hij heeft hem ook in zijn hart gegeven anderen te onderwijzen, hem en Aholiab, den zoon van Ahisamach, van den stam van Dan.
34耶和華又賜給他和但支派中亞希撒抹的兒子亞何利亞伯,心裡有教導人的恩賜。
35Hij heeft hen vervuld met wijsheid des harten, om te maken alle werk eens werkmeesters, en des allervernuftigsten handwerkers, en des borduurders en hemelsblauw, en in purper, in scharlaken, en in fijn linnen, en des wevers; makende alle werk, en bedenkende vernuftigen arbeid.
35耶和華又用智慧充滿他們的心,使他們能作各種工作,雕刻的工,設圖案的工,用藍色紫色朱紅色線和細麻刺繡的工,以及編織的工。他們能作各種工程,也能巧設圖案。”